Emmeloord drie keer beter

De bekerwedstrijd Schaakwoude-Emmeloord was oorspronkelijk door de FSB gepland op vrijdag 5 april, maar dat is geen clubavond; alleen het eerste team speelt op vrijdag. Hierna kostte het de nodige moeite om een geschikte datum te vinden, maar uiteindelijk lukte dat toch en kon er op donderdag 18 april gespeeld worden.
In de normale FSB-competitie had Emmeloord zowel van het eerste als van het tweede gewonnen en dus kon in de derde Schaakwoude-Emmeloord ontmoeting een lastige avond verwacht worden.
Zelf kreeg ik het op bord drie in een Open Spanjaard erg lastig tegen Johan ten Apel. Toen zwart een positionele dreiging had gemist, kwam hij onder druk te staan. Even leek het of zwart gevaar kon stichten op de koningsvleugel, maar na een aantal nauwkeurige zetten was er van dreiging geen sprake meer en zat zwart weer opgescheept met het positionele nadeel. Helaas miste Henk de sterkste verdediging waardoor het snel bergafwaarts ging.(0-1)
Op bord twee speelde Gerke met wit tegen Frank Hoogenboom. Het werd een heel rustige opening waarbij beide partijen de kansen wat zaten af te wachten. Er werd geen noemenswaardige fout door de beide spelers gemaakt zodat de partij in evenwicht bleef tot in het eindspel. Wit zag geen plan om een verzwakking te brengen in de zwarte stelling. Om de gedachten van de tegenpartij te peilen werd een remiseaanbod gedaan. Het bleek dat ook de zwartspeler er geen brood meer in zag en hij nam het remiseaanbod aan.(½-1½)
Op bord vier kwam Wopke met wit goed uit de opening en won een belangrijke pion op c7. Tiemen probeerde in het vervolg complicaties te scheppen. Aanvankelijk reageerde wit voldoende adequaat, maar in het vervolg raakte hij toch het spoor bijster. Zwart kreeg na enkele goede zetten zowaar de kans om wit met zijn Dame schaak te zetten en dreigde wit zelfs mat te zetten. Dit leverde zwart uiteindelijk de Dame op en de partij. (½-2½)
Wietse “the wizard” ging in een Franse verdediging vrij snel de fout in en liet een gevaarlijk paard binnendringen in de zwarte stelling; de rokade ging verloren en zwart kon slecht zeer moeizaam ontwikkelen. Een lange periode van zo taai mogelijk verdedigen was noodzaak. Pas laat in het middenspel wist zwart zich enigszins te ontworstelen en toverde zowaar nog actief spel op het bord. Verrassend genoeg vluchtte Rob met de koning naar voren en er ging een complete dame verloren.(1½-2½)
Uiteindelijk wel een beetje jammer dat Wopke zijn partij niet wist te winnen, maar wij hadden over geluk niet te klagen op bord één en dus is 1½-2½ een terechte uitslag.

SCHAAKWOUDE 1866 – EMMELOORD 1908 1½ – 2½
1. Wietse de Jong 1996 – Rob Kamminga 1983 1 – 0
2. Gerke Ros 1848 – Frank Hoogenboom 1921 ½ – ½
3. Henk van der Heide 1795 – Johan ten Napel 1876 0 – 1
4. Wopke Brandsma 1824 – Tiemen de Jong 1851 0 – 1

Schaakwoude wint van DTK in FSB-beker

Op 22 maart moest Schaakwoude het in de tweede ronde van de bekercompetitie opnemen tegen DTK. Beide clubs uit de regio Noordoost Friesland hebben al vele spannende wedstrijden tegen mekaar uitgevochten, maar deze avond zou het op grond van het rating geen spannende avond mogen worden, maar het blijft schaken natuurlijk. Rond acht uur werden de klokken ingedrukt in gebouw Rehoboth te Gerkesklooster
Op bord één speelde Wietse tegen Melle Bosma die door de teamcaptain van DTK tactisch opgesteld was. Wietse vatte de partij als volgt samen: “In een Siciliaanse Grand-Prix opening stelde zwart zich net iets te passief op, waardoor een witte koningsaanval langzaam kon uitgroeien tot indrukwekkende proporties ;). Na de opstoot van de f-pion en een kleine combinatie ging er een pion verloren voor zwart, terwijl de witte aanval onverminderd sterk bleef. Al snel dreigde zwart ook nog (minimaal)een stuk te verliezen. In plaats daarvan gunde zwart wit een esthetisch verantwoorde mat met paard en loper. Voor mijn gevoel een partij uit 1 stuk, maar hoe onze grote vriend Fritz hierover zal oordelen is vooralsnog onbekend.”(0-1)
Zelf speelde ik op bord drie Tegen Bartele Bosma. In een Franse opening werden al snel de dames geruild. In het vervolg probeerde Bartele door veel afruilen de veilige remise haven te bereiken. Uiteindelijk leverde dat een eindspel op met pionnen en elk twee stukken. In dit eindspel ruilde zwart zijn loper tegen een paard af en dat bleek een fatale misser. Een wit paard drong de witte stelling binnen en veroverde twee pionnen waarna Bartele het zinloze inzag van verder spelen.(0-2)
Wopke pakte op bord vier de f4 variant van de Pirc-verdediging van Derk agressief aan en won een pion, maar hij voelde zich niet helemaal scherp en gaf al vroeg aan bij de teamcaptain dat hij eigenlijk wel remise wilde aanbieden. Op dat moment stond Gerke wat bedenkelijk en was het logisch om nog geen remise aan te bieden. In het vervolg van de partij werden de dames geruild waar Wopke wel blij mee was, omdat hij een beetje bang was voor complicaties. Nadat Henk zijn partij gewonnen had dreigde Wopke een tweede pion te winnen, maar mocht nu ook remise aanbieden wat gelijk werd aangenomen.(½-2½)
Gerke was redelijk tevreden met het middenspel wat ontstond na een Scandinavische opening in zijn partij met Leffert op bord twee. Door een klein blundertje verloor zwart een pion en kwam hij in een lastige stelling terecht. Met kunst en vliegwerk wist Gerke direct verlies te voorkomen, maar hij stond nog lang onder druk en moest secuur verdedigen. Toen de tijdsdruk toenam bood Leffert remise aan, wat Gerke graag aan nam.(1-3)
Na een gezellige nazit met een drankje en een snackje gingen we tevreden naar huis. In de volgende ronde wacht ons het altijd lastige Emmeloord.

DE TWEE KASTELEN 1711 – SCHAAKWOUDE 1866 1 – 3
1. Melle Bosma 1652 – Wietse de Jong 1996 0 – 1
2. Leffert Nicolai 1837 – Gerke Ros 1848 ½ – ½
3. Bartele Bosma 1598 – Henk van der Heide 1795 0 – 1
4. Derk Schuttel 1758 – Wopke Brandsma 1824 ½ – ½