Schaakwoude 2 moet kampioensfeest uitstellen

Woensdag 21 maart reisde ons tweede af naar Bakkeveen waar het team haar voorlaatste wedstrijd speelde van dit seizoen. Deze avond konden we al kampioen worden. Wel moest dan gewonnen worden van Bakkeveen. De heenreis verliep voorspoedig. Dankzij de Centrale As en de verdubbeling van de weg Drachten-Appelscha waren wij snel op de plek van bestemming.

Dat was hotel restaurant de Stripe wat eigenlijk niet in Bakkeveen ligt maar in Wijnjewoude. Voor de meeste van onze spelers was Bakkeveen een onbekende club. Nooit speelden wij tegen elkaar, althans niet met het tweede team of het moet al in het vorige millennium geweest zijn.

Op papier zou de wedstrijd niet al te lastig moeten zijn. Bakkeveen was eigenlijk ons enig overgebleven concurrent tot dat het de vorige ronde onverwacht van Philidor 4 verloor. Bakkeveen was dus uitgeschakeld voor het kampioenschap, maar en dat had ik niet verwacht, daardoor niet minder gemotiveerd om van ons te winnen, bleek al snel.

Bakkeveen had haar eerste bord opgeofferd. Hier speelde Gerke tegen Bauke Hoogstra. Gerke walste niet direct over zijn tegenstander heen. Toch was dat halverwege de avond ons enige lichtpuntje. Zoals Evert tegen mij zei: “Behalve Gerke, staat niemand van ons beter”

Gerke kon toch vrij snel afwikkelen naar een beter eindspel waarin hij een pionnetje wist te winnen. Tegen de verhoudingen in kwam ons team rond half tien op voorsprong 0-1.

Die voorsprong werd voor 10 uur gelijk getrokken. Op bord 2 speelde Mathijs tegen invaller en sterkste Bakkeveen-speler Milan Heller. Op de Trompovski-aanval van Heller reageerde Mathijs niet adequaat. Normaal offert Mathijs wel eens een pionnetje, maar nu raakte Mathijs gewoon 3 pionnen kwijt, zonder enige vorm van compensatie. Deze partij ging dan ook kansloos verloren 1-1.

Op bord 3 speelde Wopke tegen Bakkeveens op één na sterkste speler Dick Muller. Na eigen zeggen speelde Wopke tegen zijn evenbeeld qua spel. Dat wil zeggen positioneel. Al hoewel Wopke wit had, ging Wopke toch later tactisch de mist in. Muller aarzelde niet en bracht Bakkeveen op voorsprong 2-1.

Op bord 5 speelde Bauke tegen een “Engelsman” Robin Baines. Met wit kon Bauke via zijn gebruikelijke spel wel druk op de zwarte stelling uitoefenen, maar een doorbraak zat er niet echt in. Nu moest Bauke het over een andere boeg gooien en ook meer risico nemen. In plaats van aan verdedigen te gaan denken verslikte Bauke zich in een giftige pion. Dit leidde tot torenverlies en daarmee de partij. 3-1 voor Bakkeveen.

Jaap Weidema opende op bord 4 met 1.b4 tegen Evert. Het lukte Evert niet echt dit af te straffen. Wit speelde degelijk. Er werden stukken en pionnen afgeruild maar meer dan remise zat er niet in. Tussenstand.3,5-1,5 en Bakkeveen had nog maar 1 bordpunt nodig.

Invaller Nathalie had op bord 6 tegen Anne van Streun in de opening twee stukken geofferd voor een toren en een pion. Dit offer was nogal dubieus, eens ter meer omdat de tegenstander een sterk loperpaar kreeg. Nathalie stond min of meer verloren, maar de tegenstander liet toe dat Nathalie een loper kon terugwinnen. De rollen waren nu omgedraaid en er gloorde weer hoop voor Schaakwoude nadat deze partij gewonnen werd 3,5-2,5.

Op bord 7 was het lange tijd onduidelijk wie precies beter stond. De speler van Bakkeveen leek eerder toch het voordeel te hebben, maar in het verloop van de partij kantelde het beeld. De Bakkevener gaf 1, 2 zelfs 3 pionnen weg voor onduidelijke compensatie. Op het eind stond Folmer gewoon 3 pionnen voor. Daarmee werd op het eind van de avond de stand weer gelijk getrokken.

Henk was op bord 8 als laatste bezig tegen Gerrit Meppelink. Uiteindelijk kwam Henk een pion voor, maar Henk hield een zwakke pion over en er was weinig tijd meer op de klok. Op aanraden van de teamcaptain besloot Henk remise aan te beiden. Dit aanbod werd aangenomen. Dit betekende dat het kampioensfeest uitgesteld moest worden, maar ook dat het laatste wedstrijd bijna niet meer kan misgaan.

De laatste ronde moet Schaakwoude 2 tegen Philidor 4 spelen. Lasker speelt tegen Bakkeveen. Wij staan 4,5 bordpunt voor. Lasker moet 5 bordpunten inhalen omdat de onderlinge wedstrijd door Schaakwoude gewonnen werd. Ik denk dat we ons op een kampioensfeest mogen voorbereiden.

T Bakkeveen 1714 Schaakwoude 2 1778 4 4
1. Bauke Hoogstra 1457 Gerke Ros 1929 0 1
2. Milan Heller 2020 Mathijs Visser 1790 1 0
3. Dirk Muller 1982 Wopke Brandsma 1792 1 0
4. Jaap Weidema 1594 Evert Drijver 1781 ½ ½
5. Robin Baines 1646 Bauke Vroom 1765 1 0
6. Ben de Vries 1751 Folmer Heikamp 1765 0 1
7. Anne van Streun 1578 Nathalie Steringa 1659 0 1
8. Gerrit Meppelink 1688 Henk van der Heide 1743 ½ ½

 

Schaakwoude 3 wint van Philidor 5

Schaakwoude 3 wint van Philidor 5

Donderdagavond 8 maart 2018 was Philidor 5 bij ons op bezoek.

Aan het eerste bord speelde Nathalie met zwart tegen Kees van Straten. Reeds om twintig voor negen was het eerste punt binnen: 1 – 0.

Een kwartier later won Catrines zijn partij. Hij speelde met wit tegen Wolter Jongsma. Op het bord kwam een dame-gambiet. Zwart speelde defensief en na enige lichte stukken te hebben afgeruild kreeg Catrines een sterke aanval op de koning. Toen hij een pion kon doordrukken naar de koning was mat net niet meer te voorkomen: 2 – 0.

Wim had wit op bord acht en speelde tegen Jan Miedema. Wim kwam vrij snel een pion voor te staan. Een centrumpion van Wim drong door tot de zevende lijn en was lastig tegen te houden. De pion kon alleen worden gestopt door een loper te offeren, Na nog een vorkje op de koning en toren moest Jan opgeven: 3 – 0.

Op bord vijf had Pieter zwart en speelde tegen Peter Venhuizen. In eerste instantie ging de partij gelijk op maar in het middenspel won Pieter een kwaliteit en ook twee pionnen. Wit kon hierdoor de twee pionnen van Pieter niet meer tegenhouden en gaf op: 4 – 0.

Jan speelde met wit tegen Danny de Vries in een partij die maar niet op gang wilde komen. Het bord stond vol met stukken. Jan kon zijn paard niet op een geschikt veld plaatsen en verloor dit tegen twee pionnen. Door dit verlies moest Jan steeds verdedigen en kwam zijn tegenstander steeds sterker te staan wat uiteindelijk tot winst voor zwart leidde: 4 – 1.

Direct daarna verloor Hessel zijn partij. Hij speelde met wit tegen Chrisian Torensma. In eerste instantie ging de partij voorzichtig spelend gelijk op, doch na het middenspel voerde Christian de druk op de koningsvleugel op en was toen niet meer te houden: 4 – 2.

Fokke speelde aan het derde bord met zwart tegen Wim van Zeijl. Fokke gaf een stuk weg voor vier pionnen. Door een verkeerd stuk aan te raken verloor Fokke nog een stuk. Hij stond echter wel vijf pionnen voor maar werd uiteindelijk mat gezet: 4 – 3.

Toen werd het echt spannend en hing de uiteindelijke uitslag van de wedstrijd van Menno af.

Hij speelde met zwart tegen Jeppe van Bon. Menno kwam na de opening een stuk voor te staan tegen twee pionnen en een betere stelling. In het middenspel won zwart de twee pionnen terug. In het eindspel kon Menno ondanks tijdsdruk – nog vier minuten op de klok – de partij rustig uitspelen en uiteindelijk gaf zijn tegenstander ook nog een loper weg: 5 – 3.

 

Hessel

 

T Schaakwoude 3 1540 Philidor 5 1434 5 3 do 08 mrt
1. Nathalie Steringa 1659 Kees van Straten 1589 1 0  
2. Jan Meijer 1576 Danny de Vries 1523 0 1  
3. Fokke de Haan 1539 Wim van Zeijl 1466 0 1  
4. Hessel Sijbersma 1533 Christian Torensma 1440 0 1  
5. Pieter van Kammen 1515 Peter Venhuizen 1424 1 0  
6. Catrines Veenstra 1517 Wolter Jongsma 1420 1 0  
7. Menno Veenstra 1512 Jeppe van Bon 1361 1 0  
8. Wim de Vries 1468 Jan Miedema 1249 1 0  

Schaakratings zeggen niets over bowlingkwaliteiten

Zaterdag 17 maart stond er een uitje op het programma voor de leden en aanhang van Schaakwoude. Dit uitje ging richting het bowlingcentrum in Oostrum, nabij Dokkum. De activiteit trok weer flink wat deelname, zo waren er 22 deelnemers die de stoute en foute bowlingschoenen aantrokken. Deze passessies leverden zoals gewoonlijk weer hilarische momenten op, sommige leden overwegen zelfs om zelf van deze modieuze schoenen aan te schaffen.

Omstreeks 8 uur was de indeling klaar en vlogen de eerste ballen reeds richting de pins. Mathijs gaf meteen zijn visitekaartje af door in de eerste beurt meteen een strike te laten noteren. Daarna zouden anderen dit voorbeeld volgen. De deelnemers waren verdeeld over vier banen, zodat iedereen in ieder geval een rondje van 10 beurten kon laten noteren. Dit lukte soms niet door wat vertraging op en rond de baan. Jan Sybren gooide erg sterk en haalde maar liefst 156 punten, hiermee had hij maar liefst 37 voorsprong op Ronald. Evert kwam tot 114 punten.

Om 9 uur was het tijd voor wat welverdiende rust. Sommige van de bowlingballen hebben een flink gewicht en dat zorgt dan voor een flinke work-out. In de pauze was er tijd om wat langere gesprekken te voeren en natuurlijk voor een hapje en een drankje. Na een klein uurtje kon er weer met vette vingertjes een balletje gegooid worden.

Ditmaal was er een indeling van groepen op basis van de resultaten in de eerste ronde. In de eerste groep vielen meteen drie spares te noteren. Het leek dat er op dat bijna iedereen de eerste ronde had gebruikt om warm te draaien, bijna iedereen scoorde in de tweede ronde aanzienlijk hoger. Alleen Jan Sybren, Evert en Ronald noteerden lagere scores. Al snel gingen de ogen in deze ronde richting de tweede baan, waar Bauke te sterren van de hemel gooide, hij kwam uiteindelijk tot een score van 143 punten. Henk en Gert-Jan volgden hem op respectabele afstand met 122 en 119 punten. Dat er veel ballen werden gegooid bleek na een tijdje wel toen er geen ballen meer terugkwamen, omdat deze onderweg vast bleven hangen. Noemenswaardig is ook nog het slot van Johan, hij eindigde met twee formidabele strikes en bij zijn laatste worp bleef er helaas nog één pin staan.

Over twee ronden was Jan Sybren de winnaar met 270 punten. Dit stelt niet zoveel voor bij de perfect game in het bowlen, wat 300 punten oplevert. Maar zouden bowlers ook kunnen schaken? Bauke en Henk werden gedeeld tweede met 232 punten. Eeke besliste de damesstrijd nipt in haar voordeel, ze bleef Brigitta vijf punten voor. Gert-Jan, met de hoogste schaakrating, kwam tot een vijfde plaats. Wietse en Roelof hebben ook een hoge schaakrating, maar wisten het bij het bowlen niet verder dan de 18e en 21e plaats te schoppen.

Het was een geslaagd uitje en iedereen heeft met volle teugen genoten. De spelers kunnen met een goed (bal)gevoel vooruitkijken naar de laatste ronden van zowel de interne als externe competitie.

Naam Ronde 1 Ronde 2 Totaal Plaats
Jan Sybren 156 114 270 1
Henk 110 122 232 2
Bauke 89 143 232 2
Menno 112 114 226 4
Gert-Jan 98 119 217 5
Johan 98 110 208 6
Gerben 93 109 202 7
Evert 114 87 201 8
Jos 88 111 199 9
Ronald 119 76 195 10
Folmer 91 101 192 11
Pieter 84 107 191 12
Eeke 78 106 184 13
Brigitta 84 95 179 14
Catrines 70 106 176 15
Hessel 84 90 174 16
Mathijs 79 94 173 17
Wietse 74 95 169 18
Kees 78 85 163 19
Hannie 67 91 158 20
Roelof 50 99 149 21
Koos 69 71 140 22

Schaakwoude verslaat de Koninklijke

Op 10 maart rijd ik naar de dichtstbijzijnde KNSB-wedstrijd van het seizoen, de afstand van Stiens naar de uitwedstrijd in Leeuwarden is slechts iets meer dan 10 kilometer. Vandaag staat de wedstrijd tegen K.S.C. Philidor 1847 3 op het programma, de K. in de naam van de opponent staat voor Koninklijke. De aankomst bij de speelzaal doet ook enigszins vermoeden dat er een afvaardiging van de Koninklijke familie is, het parkeerterrein staat tjokvol auto’s en bussen.  Gelukkig is er op de P+R in de buurt nog wel plek, maar helaas geen bus die mij naar de speellocatie rijdt. De speellocatie van Philidor heeft een kleine metamorfose ondergaan en ook de naam is veranderd, waar voorheen Priyas op de gevel prijkte is dit vervangen door Zaal Enzo. Bij binnenkomst blijkt het zalencentrum ook als kleedkamer te dienen voor een contest van het CGN in het Kalverdijkje. Dit zorgt, naast de drie schaakwedstrijden die hier vandaag plaatsvinden, voor veel levendigheid in het zalencentrum.

Dan naar de wedstrijd. Voor ons staat er weinig meer dan een goede klassering op het spel, voor Philidor zijn de belangen groter, zij hebben de punten hard nodig in de strijd tegen het degradatiespook. Omstreeks 1 uur geeft scheidsrechter Erwin Denissen het sein om te beginnen. Ik mag het zelf tegen Oene Schriemer opnemen, al snel kom ik iets gedrukt te staan. Als ik bij de andere borden langs wandel, zie ik dat er nog weinig valt te zeggen over de uitkomst van de middag. Bij “Koninklijke” hoort wellicht ook enig trommelgeroffel, plotsklaps komt er vanaf het parkeerterrein een flink kabaal, het doet de schakers in ieder geval opveren. Het blijkt te gaan om het warm te draaien voor het contest. De scheidsrechter neemt in ieder geval even poolshoogte.

Zo in de loop van de middag hoor ik van Wietse de woorden “Och, ik had het nog wel gezien”. Met deze woorden geeft hij op. Hij had de opening niet goed behandeld en tegenstander Rein de Boer wist met de witte stukken Wietse flink onder druk te zetten. Wietse verloor een pion en bij het spreken van de eerder genoemde woorden ging de partij verloren. Daarna weet Henk het eerste punt te scoren. Hij komt met wit tegen invaller Pieter Ploeger geen moment in gevaar en pakt met een koningsaanval het punt. Zo staat het 1-1.

Teamcaptain Gerben speelt tegen Egbert Wind, hij krijgt vanuit een gelijkwaarde stelling de kans om de zwarte koning aan te vallen. Deze kans laat hij niet onbenut en hij kan de dames ruilen en meteen een kwaliteit winnen. Niet lang daarna is het punt binnen. Jan Sybren mag het met zwart opnemen tegen invaller Siem van Eijk. Als ik in de middag eens bij hem aan het bord kijk zie ik dat hij al in tijdnood zit. Wit is bezig met een koningsaanval en zwart probeert het aan de andere kant. In deze tijdnood wordt er veel geruild, wit ruilt eigenlijk één loper te veel en zo komt Jan Sybren in een gunstig eindspel met een goed paard tegen een slechte loper. Dit weet hij te winnen en de stand is nu 3-1 in ons voordeel.

Ik kom op het plastic bord, dit heeft niet echt een koninklijke uitstraling, steeds slechter te staan tegen Oene Schriemer en wacht eigenlijk vanaf zet 25 op de beslissende klap. Maar deze blijft uit, mede omdat de het klokje steeds verder tikt. Wit kiest het verkeerde plan en zo win ik in tijdnood enkele pionnen, ook wordt de witte stelling er niet beter op. Net na de veertigste zet geeft mijn tegenstander op. Naast mij was onze invaller Gert-Jan nog steeds met de witte stukken bezig tegen Eelke Heidinga, een collega van hem. Hij had uit het oog verloren dat zwart een sterke loper op E3 kreeg. Ook had hij geen bewegingsvrijheid, maar zwart wist de winst niet direct te vinden. In een lastig eindspel won Gert-Jan nog een pion, maar even later moest hij één teruggeven en kwam zo in een verloren positie terecht. Nog een halfje nodig voor de overwinning, de stand is nu 4-2.

Bart heeft op dat moment een remisestelling tegen Marcel Vermaat bereikt. Maar hieraan is behoorlijk wat aan vooraf gegaan. Hij werd in de opening en het middelspel weggespeeld. Maar ook hier bleef rond de tijdnood de beslissende klap achterwege. Na de tijdnood kan hij niet veel anders doen dan tegenhouden, totdat er een kans komt om af te wikkelen naar een stelling met koning en toren tegen koning, toren en paard. Marcel probeert het nog heel lang, maar het eindresultaat wordt remise. De overwinning is binnen.

De partij die dan nog gaande is, is een Drachtster aangelegenheid. Roel en tegenstander Gerard Baars hebben decennia lang samen bij D.S.C. gespeeld. Roel kreeg met de witte stukken voordeel via de open C-lijn, maar hij kon hier geen voordeel uit halen. Het werd een erg lange partij, maar liefst drie notatiebiljetten lang. Roel wist na ruim vijf uren schaken een paar pionnen te snoepen. Maar het duurde tot kwart voor zeven voordat de overwinning binnen was.

Zo weten wij, wellicht met enig fortuin, de matchpunten terug mee te nemen naar Damwâld. Wij staan nu keurig vierde in de stand. In april mogen wij het in ronde 8 opnemen tegen concurrent DSG Pallas uit Deventer.

 

Philidor 1847 3

Schaakwoude

Vermaat , M.C. (Marcel) 2192 Lemstra , B. (Bart) 1960 ½ – ½
Schriemer , O. (Oene) 2001 Veen van der, R. (Ronald) 1952 0 – 1
Heidinga , E. (Eelke) 1901 Rauw , G.J. (Gert Jan) 2144 1 – 0
Boer de, R. (Rein) 1991 Jong de, W.P.J. (Wietse) 1888 1 – 0
Baars , G.H.A. (Gerard) 1827 Hazenberg , R. (Roel) 1953 0 – 1
Wind , E.T. (Egbert) 1869 Heide van der, G. (Gerben) 1902 0 – 1
Ploeger , P. (Pieter) 1675 Broersma , H. (Henk) 1860 0 – 1
Eijk van, S.G. (Siem) 1727 Zagema , J.S. (Jan Sybren) 1828 0 – 1
Gemiddelde Rating: 1898 Gemiddelde Rating: 1936 2½-5½